AANVULLENDE & ZWARE ONDERSTEUNING

1. Aanvullende en zware ondersteuning in clusters 3 & 4 zijn verantwoordelijkheid van samenwerkingsverband PO 20.01.

2. Definitie arrangement.

3. Aanvullende & zware ondersteuning wat houdt dat in?

4. Welke ondersteuning biedt een school?

5. Aanvullende ondersteuning binnen het regulier onderwijs.

6. Wat is een ondersteuningsteam?

7. Wanneer zware ondersteuning?

8. Waarom een ontwikkelingsperspectief?

9. Verhuizen met aanvullende ondersteuning.

piramide1. Aanvullende en zware ondersteuning in clusters 3 & 4 zijn verantwoordelijkheid van samenwerkingsverband PO 20.01.

Wanneer de school of samenwerkingsverband PO 20.01 concludeert dat de school en|of het samenwerkingsverband niet volledig aan haar zorgplicht kan voldoen wordt een toeleiding traject naar aanvullende ondersteuning aangevraagd. De informatie en onderzoeksgegevens van de school, in acht nemende de privacy regelementen, zijn hiervoor beschikbaar. Wanneer voor een leerling aanvullende of zware ondersteuning wordt aangevraagd spreken we over een arrangement.

De scholen voor speciaal (basis)onderwijs zijn verdeeld in 4 clusters.

  • cluster 1: scholen voor leerlingen met een visuele beperking
  • cluster 2: scholen voor leerlingen met een auditieve en|of communicatieve beperking

De scholen en de begeleiding voor onderwijs aan kinderen met een zintuiglijke ondersteuningsbehoefte (cluster 1), een auditieve en/of communicatie beperking (cluster 2) vallen niet onder het samenwerkingsverband, maar worden landelijk georganiseerd. Meer informatie over cluster 1 & cluster 2 scholen vindt u bij “ketenpartners”.

  • cluster 3: scholen voor leerlingen met verstandelijke (zeer moeilijk lerend) en|of lichamelijke beperkingen (Mytyl|Tyltyl) en voor leerlingen die langdurig ziek zijn
  • cluster 4: scholen voor leerlingen met een psychische beperking

Alle scholen voor speciaal onderwijs (cluster 3 & 4) maken bestuurlijk deel uit van samenwerkingsverband PO 20.01. De plaatsing van leerlingen op deze scholen voor speciaal onderwijs is de verantwoordelijkheid van ons samenwerkingsverband.

2. Definitie arrangement.

Het geheel aan pedagogische, didactische en specialistische handelingen die de school, binnen een bepaalde organisatorische context en in samenwerking met derden, uitvoert met het doel de ontwikkeling van de leerling te optimaliseren. (Bron: SLO)

3. Aanvullende & zware ondersteuning wat houdt dat in?

Samenwerkingsverbanden zijn verantwoordelijk voor de aanvullende en de zware ondersteuning op school en hier krijgen ze ook middelen voor. Aanvullende ondersteuning is bijvoorbeeld onderwijs op een speciale basisschool. Zware ondersteuning is onderwijs op een school voor speciaal onderwijs (cluster 3 & 4).

4. Welke ondersteuning biedt een school?

Elke school heeft een schoolondersteuningsprofiel waarin staat beschreven welke ondersteuning de school kan bieden. We maken daarin onderscheid tussen basisondersteuning en aanvullende ondersteuning. Basisondersteuning is de ondersteuning die iedere school in de regio biedt. De basisondersteuning is voor alle scholen, en dus voor alle kinderen, gelijk. Voor elke leerling die aanvullende ondersteuning nodig heeft maken we een arrangement op maat. Deze aanvullende
ondersteuning wordt toegekend en betaald door het samenwerkingsverband PO 20.01. Daarnaast bieden sommige scholen zelf aanvullende ondersteuning aan leerlingen die tijdelijk extra begeleiding nodig hebben.

5. Aanvullende ondersteuning binnen het regulier onderwijs.

Wanneer een leerling aanvullende ondersteuning nodig heeft en de school deze ondersteuning zelf niet bieden? Dan kan de school, in overleg met de ouders, een arrangement aanvragen bij samenwerkingsverband PO 20.01. Ook is het mogelijk dat de school samen met ouders zoekt naar een andere reguliere school die de gevraagde ondersteuning wel kan bieden. Een eerste stap voor het aanvragen van een arrangement is een bespreking in het ondersteuningsteam op school. Samen met ouders en school maken we een arrangement op maat. We gaan daarbij uit van wat de leerling nodig heeft.

6. Wat is een ondersteuningsteam?

Elke school kent een ondersteuningsteam voor de bespreking van kinderen met een aanvullende ondersteuningsbehoefte. In het ondersteuningsteam bespreken we samen met ouders de vraag: wat heeft de leerling nodig om een bepaald doel te behalen? De school vraagt ouders formeel toestemming voor de bespreking van hun kind in het ondersteuningsteam en nodigt ouders altijd uit om bij de bespreking van hun kind aanwezig te zijn. Aan het ondersteuningsteam nemen verder deel de leerkracht, de intern begeleider, onderwijscoach (vanuit het samenwerkingsverband) en gezinscoach (vanuit jeugdhulp / Centrum voor Jeugd en Gezin). Daarnaast kunnen ook partners op afroep deelnemen aan het overleg, bijvoorbeeld een orthopedagoog.

7. Wanneer zware ondersteuning?

Voor sommige leerlingen is een (tijdelijke) lesplaats in het speciaal (basis)onderwijs de meest passende plek. We noemen dit zware ondersteuning. Voor een lesplaats in het speciaal (basis) onderwijs is een toelaatbaarheidsverklaring nodig. Om te beoordelen of een kind een toelaatbaarheidsverklaring krijgt, vraagt het samenwerkingsverband advies aan deskundigen.
Voor een lesplaats op een cluster 1 of 2 school geldt een andere (landelijke) procedure. Het samenwerkingsverband beoordeelt dan niet of uw kind wordt toegelaten, maar de Commissie van Onderzoek van cluster 1 of 2. U leest hierover meer bij “ketenpartners” op deze website.

8. Waarom een ontwikkelingsperspectief?

De school stelt een ontwikkelingsperspectief op voor leerlingen die aanvullende ondersteuning nodig hebben. Hierin staat het verwachte uitstroomniveau van de leerling. Ook staat in het ontwikkelingsperspectief welke ondersteuning en begeleiding de leerling krijgt om dit uitstroomniveau te halen. De school voert op overeenstemming gericht overleg met de ouders over het ontwikkelingsperspectief. Voor kinderen met aanvullende ondersteuning en voor alle kinderen in het speciaal (basis)onderwijs is het verplicht om een ontwikkelingsperspectief op te stellen.

9. Verhuizen met aanvullende ondersteuning.

Een leerling functioneert nu goed met aanvullende ondersteuning in het regulier onderwijs. Hij of zij verhuist naar een andere woonplaats en wil daar ook graag aanvullende ondersteuning op een reguliere school ontvangen. De ouders melden de leerling dan aan op deze nieuwe school en de school schat op basis van de ontvangen informatie (bijvoorbeeld het ontwikkelingsperspectief van de oude school) in of de leerling ook op de nieuwe school aanvullende ondersteuning nodig heeft. Het verschilt per school hoe die aanvullende ondersteuning wordt aangeboden. Het is mogelijk dat de nieuwe school op een andere manier aanvullende ondersteuning biedt. Elke school maakt zelf opnieuw de inschatting of de leerling inderdaad aanvullende ondersteuning nodig heeft en hoe de school dit het beste kan invullen.